Zet je er toch eens overheen!

Gepubliceerd op 9 september 2026 om 15:03

Er bestaat een Nederlands kaartspel dat "Dat hep gestaan op feesboek" heet. Het draait om de meest absurde, slecht gespelde, volslagen onzinnige uitspraken die mensen online achterlaten. Je leest ze en je moet lachen, want ze zijn zo overtuigend fout dat het bijna weer grappig wordt.
Toen ik erover nadacht, besefte ik iets: dit format past ook, op een heel andere manier, bij CPTSS. Niet om te lachen om mensen met trauma, maar om de dingen die tegen hen gezegd worden naast elkaar te zetten met hoe het écht zit. Het contrast is soms bijna net zo absurd als bij het kaartspel, alleen is het niet grappig. Het is schadelijk.

"Zet je er toch gewoon overheen." "Je hoeft niet meteen zo hysterisch te doen." "Iedereen is wel eens moe." "Je zoekt overal wel iets negatiefs achter."

Op zichzelf klinken deze zinnen niet vreemd. Ze worden dagelijks uitgesproken, door partners, collega's, ouders, vrienden, soms zelfs door hulpverleners. Meestal niet uit kwaadaardigheid. Vaak juist uit een soort onhandige goedbedoeldheid, een poging om te relativeren, te helpen, of het gesprek luchtiger te maken.

Het probleem is dat deze zinnen uitgaan van een aanname die voor de meeste mensen klopt, maar voor iemand met Complexe PTSS volledig mist: dat het verleden voorbij is, dat het lichaam en het hoofd hetzelfde weten, en dat een gevoel zich laat aan- of uitzetten met een beetje wilskracht.

Neem die eerste zin: zet je er toch gewoon overheen. Bij CPTSS is het brein vaak nog altijd vastgeklonken aan de overlevingsstand van vroeger. De amygdala, het alarmsysteem in je hoofd, is chronisch overactief. Dat is geen mentaliteitskwestie. Dat is een zenuwstelsel dat is opgebouwd om te overleven in een omgeving die onveilig was, en dat nog niet heeft geleerd dat het nu anders mag.

Of neem "je hoeft niet zo hysterisch te doen." Wat voor een buitenstaander een overdreven reactie lijkt, is voor de persoon zelf vaak een emotionele flashback: een klein signaal in het heden, een toonhoogte, een blik, dat een oude, veel grotere pijn aanraakt. De reactie gaat niet over het kleine moment van nu. Die gaat over alles wat daarachter zit.

En "je zoekt overal wel iets negatiefs achter" is meestal geen overgevoeligheid, maar hypervigilantie: een overlevingsvaardigheid die is aangeleerd in een omgeving waar het lezen van subtiele signalen letterlijk noodzakelijk was om veilig te blijven. Ik zie in mijn werk als traumacoach en psychiatrisch verpleegkundige hoeveel schade dit soort zinnen kunnen aanrichten, juist omdat ze zo alledaags zijn. Niemand die ze uitspreekt, is zich meestal bewust van de impact. Maar voor iemand die al worstelt met schaamte, zelftwijfel en het gevoel "te veel" te zijn, kan één zo'n opmerking het verschil maken tussen weer een stukje terugtrekken, of eindelijk voelen dat er ruimte is om te praten.

Dat is precies waarom ik een boekje schrijf waarin ik deze uitspraken, uit alle hoeken van het leven, werk, relaties, familie, vriendschappen, hulpverlening, sociale media, en de dingen die je tegen jezelf zegt, naast de wetenschappelijke realiteit zet. Niet als aanklacht tegen wie ze uitspreekt, maar als een uitnodiging om het anders te doen. Want de meeste mensen willen heus wel steunen, ze weten alleen niet hoe. (Kijk bij Gratis Boeken)

Als je jezelf herkent in de uitspraken die je over jezelf te horen krijgt: je bent niet te gevoelig, niet te dramatisch, niet te veel. Je lichaam doet precies wat het ooit moest leren om je in leven te houden. En als je iemand kent met CPTSS: je hoeft niet alles te begrijpen om te helpen. Je hoeft alleen bereid te zijn om, de volgende keer dat er zo'n zin op je lippen ligt, heel even te pauzeren, en te vragen wat er nu echt nodig is.


Reactie plaatsen

Reacties

Er zijn geen reacties geplaatst.