Werk vraagt vaak precies wat mensen met complexe posttraumatische stressstoornis (CPTSS) het moeilijkst vinden: presteren onder toezicht, feedback ontvangen, grenzen bewaken, samenwerken binnen een hiërarchie. Voor iemand die is opgegroeid in een omgeving waarin fouten maken gevaarlijk was, of waarin goedkeuring nooit vanzelfsprekend kwam, kan een doodgewone werkdag voelen als een dagelijkse overlevingstocht. Niet omdat het werk te zwaar is, maar omdat oude overlevingspatronen ongemerkt de regie overnemen.
Daarom is er nu een miniboekje: "CPTSS op de werkvloer, van overleven naar functioneren." Het is geschreven vanuit drie invalshoeken, die samen een compleet beeld geven van hoe CPTSS de werkvloer raakt, en wat daaraan te doen is.
Het perspectief van de medewerker. Waarom reageert het lichaam op een leidinggevende die feedback geeft alsof er echt gevaar dreigt? Dit deel gaat in op overpresteren en bevriezen als overlevingsstrategieën, en op de onzichtbare belasting van voortdurende zelfregulatie die niemand ziet, maar die wel energie kost.
Het gesprek aangaan. Wel of niet vertellen over CPTSS op het werk is geen verplichting, en er is geen universeel juist antwoord. Dit deel biedt concrete handvatten voor wie er wel voor kiest: wat je wel en niet hoeft te delen, met wie je het beste kunt beginnen, en hoe je concrete behoeften formuleert in plaats van alleen een diagnose te noemen.
Het perspectief van de leidinggevende. Een leidinggevende is geen behandelaar, en hoeft dat ook niet te zijn. Dit deel gaat over wat wél binnen die rol past: voorspelbaarheid bieden, feedback rustig en specifiek geven, en vooral navragen wat iemand nodig heeft in plaats van dat zelf te bedenken.
Elk deel van het boekje bevat praktijkvoorbeelden, zowel situaties die goed uitpakken als situaties die misgaan. Een medewerker die tijdig een grens aangeeft en daarmee ruimte creëert. Maar ook een medewerker wiens vertrouwelijke deling zonder toestemming wordt doorverteld, met alle gevolgen van dien. Een leidinggevende die doorvraagt naar wat helpt. Maar ook een leidinggevende die, uit goede bedoeling, alle kritische feedback stopt en daarmee onbedoeld het gevoel van buitensluiting versterkt.
Deze voorbeelden staan er niet om te oordelen, maar omdat het verschil tussen een werkplek die voelt als overleven en een werkplek die voelt als functioneren, vaak in kleine, concrete keuzes zit.
Het boekje is geschreven voor drie groepen tegelijk: mensen met CPTSS die worstelen met hun functioneren op het werk, collega's die begrip zoeken, en leidinggevenden die willen weten hoe ze een medewerker goed kunnen begeleiden zonder in de rol van behandelaar te stappen. Juist omdat deze drie perspectieven vaak los van elkaar worden besproken, terwijl ze op de werkvloer voortdurend met elkaar in gesprek zijn.
Het volledige boekje is te vinden op gratis boeken.
Reactie plaatsen
Reacties